Alle berichten door Heleen Mes

HR executive en ervan overtuigd dat bedrijven succesvoller worden als zij streven naar happiness@work en zich verbinden met de wereld om hen heen. Informatie over geluk deel ik graag met je om je te inspireren. Wil je meer? Neem dan contact op met het HappinessBureau.

€600 korting op The Global HR Fest, 4-5 oktober in Brussel. Drie streams: Employee Experience, HR analytics, Workforce Planning.

The Global HR Fest vindt plaats op woensdag 4 en donderdag 5 oktober in Brussel. Twee volle dagen, meer dan 40 sprekers, 250 HR deelnemers en 3 thema’s.

Elk thema biedt twee volle dagen:

  • HR analytics, met host Gido van Puijenbroek van AnalitiQs en sprekers van o.a. ABN AMRO, Spotify, Allianz, Wolter Kluwer, Cisco en Philips
  • Workforce planning, met host Max Blumberg van The University of London en sprekers van o.a. Rabobank, Dell, Nestlé, Lego Group, ABB en Solvay
  • Employee Experience, met host Ben Whitter van The World Employee Experience Institute en sprekers van o.a. Cisco, AXA, Harrods, BP, Nitro en ABN AMRO

Normale prijs is € 1200. Met een kortingscode van Happy People Better Business bedraagt de prijs slechts € 600 (ex. fee).

Vraag de kortingscode aan door onderstaand formulier in te vullen:

 

Zie ook:

2-daagse Workshop Employee Experience op 2 en 12 oktober

Opleiding tot werkgelukdeskundige

Met €50 korting naar Congres Trending Topics op 23 november met workshop Employee Experience van het Happinessbureau

 

Recept voor wendbare organisaties

Blog van Diana Russo op dianarusso.nl. Na een aantal jaren in ‘de keuken’ van verschillende organisaties te hebben gekeken heeft zij uiteindelijk 12 ingrediënten gevonden die de pizza-organisatie vormen. Ze hangen allemaal met elkaar samen, je kunt er niet zomaar één weglaten, er zijn meerdere bereidingswijze mogelijk (afhankelijk van context, cultuur en courage) en het proces vergt tijd en aandacht.

Recept voor wendbare organisaties: van misbaksels kun je leren!

Ik kan niet koken, dat is geen geheim. Getrouwd met een Siciliaan die iedere dag voor mij en de kinderen kookt, heb ik niet veel in de buurt van het fornuis te zoeken. Toch breng ik veel tijd door in de keuken: om te kijken hoe de Siciliaan met liefde een maaltijd bereidt. Dat heeft me een aantal belangrijke dingen geleerd. Zeker als het gaat om pizza’s bakken:

1. Gebruik goede ingrediënten en neem de tijd; 2. Misbaksels zijn om van te leren en oefening baart kunst; 3. Laat niet zomaar een ingrediënt weg en gebruik geen minderwaardige vervangingen; 4. Er bestaan meerdere recepten voor ‘de lekkerste’ pizza (hoewel bijna iedere Napolitaan dit tegen zal spreken).

Bij Wendbare Organisaties werkt het al net zo. Na een aantal jaren in ‘de keuken’ van verschillende organisaties te hebben gekeken heb ik uiteindelijk 12 ingrediënten gevonden die de pizza-organisatie vormen. Ze hangen allemaal met elkaar samen, je kunt er niet zomaar één weglaten, er zijn meerdere bereidingswijze mogelijk (afhankelijk van context, cultuur en courage) en het proces vergt tijd en aandacht.

Hierbij mijn recept.

Klein beginnen, aldoende aanpassen, beter worden door feedback & experimenteren
en resultaten zichtbaar maken & vieren

Schrijf niet eerst een gedetailleerd (project)plan, maar schets de contouren, begin gewoon en pas aldoende aan. Verdeel een project (maar ook vaste werkzaamheden) in kleine (behapbare) stukken, die op zichzelf al waarde toevoegen of bruikbaar zijn (in plaats van one big release). Laat betrokkenen tussendoor ‘proeven’ en feedback geven, zodat je tussendoor aanpassingen kunt maken en rekening houdt met verander(en)de omstandigheden. Maak deze ‘small wins’ zichtbaar en vier ze! Dit motiveert niet alleen teamleden, maar creëert ook bewustwording bij stakeholders en andere betrokkenen.

Door deze kleine stappen en korte feedback loops stimuleer je de continue dialoog. En omdat dit niet meer via hierarchisch communicatielijnen gaat, zul je elkáár aan moeten spreken op gewenst en ongewenst gedrag. Dat is best lastig en daarom zijn hiervoor goede spelregels en afspraken nodig, zodat iedereen zich uit durft te spreken en het gesprek met elkaar aangaat.

Zorg dat er ruimte is om te experimenteren, opnieuw te beginnen als iets niet is gelukt en bied de mogelijkheid om steeds beter te worden (“We will probably get it wrong, before we get it right”): er is namelijk nog veel onduidelijk, onbekend en onontgonnen. Zorg voor een veilige (psychologische) omgeving waar ruimte is om dingen uit te proberen en eventueel te falen.

 

Creëer gelegenheidsteams waar expertises makkelijk van het ene naar het andere bordje kunnen worden verplaatst – gefaciliteerd door digitale tools en transparantie-
maar waar het uiteindelijk om menselijk contact gaat

Deze andere manier van werken vraagt ook om een andere manier van organiseren. Creëer gelegelegenheidsteams opgebouwd uit verschillende expertises die waarde toevoegen aan het (oplossen van het) vraagstuk en makkelijk van het ene naar het andere bordje verplaatst kunnen worden. Teamleden richten zich op co-creatie (met elkaar, opdrachtgevers en stakeholders), het dienen van het grotere geheel (in plaats van sub-optimalisatie) en reserveren tijdsblokken waarin gefocust samengewerkt wordt in plaats van gefragmenteerd. Stimuleer eigenaarschap door rollen aan te laten sluiten bij de expertise, passie en drijfveren van het teamlid.

Laat het team zichzelf organiseren (bepalen HOE en WIE) of zelfsturen (bepalen WAT, HOE en WIE), afspraken maken en besluitvorming inrichten. Zo ontstaat er ook een contextueel leider: afhankelijk van de context is iemand anders de meest geschikte persoon om leiding te geven.

Uiteindelijk gaat het om persoonlijke verbindingen en de wíl om te samenwerken, te leren en voor het gezamenlijke doel te gaan. Hoe meer persoonlijke verbindingen, hoe groter de kans onverwachte toegevoegde waarde in deze ontmoetingen te vinden (uitspraak Ronald van den Hoff, auteur Society 3.0). Digitale platformen faciliteren hierin en maken zichtbaar waar kennis en expertise zich bevinden, zodat vraag en aanbod makkelijk(er) gematcht kunnen worden. Leer en stuur bij door de data die deze platformen genereren te analyseren en betekenis te geven.

Zorg voor transparantie: een open cultuur waarin het vanzelfsprekend is om relevante informatie te delen, waarin iedereen weet wat er speelt en werkzaamheden daardoor beter in de context worden geplaatst (waar zijn we mee bezig en hoe draag ik hieraan bij?). Hoe vloeiender deze informatie door de organisatie stroomt hoe sneller en adequater er gewerkt en gereageerd kan worden.

 

Inspireer medewerkers door de
Shared Purpose & Relevantie duidelijk te maken

Maak duidelijk wat eigenlijk de bedoeling is, de purpose, de WHY, de toegevoegde waarde… (en nog meer van dat soort buzzwords J). Welke collectieve ambitie hebben we en hoe is dat relevant voor de klant, de medewerkers, de omgeving, de maatschappij, de wereld? Hoe kunnen teamleden vanuit expertise, persoonlijke drijfveren en passie hieraan bijdragen? Inspirerend leiderschap, gericht op eco (we worden er met z’n allen beter van) in plaats van ego (alleen ik word er beter van) geeft de organisatie richting en zet mensen in beweging.

 

Heb aandacht voor de mens zelf en
durf los te laten door ruimte en vertrouwen te geven

Zorg voor HR beleid – of liever People Operations – waar ieders talent centraal staat en waar rekening wordt gehouden met wat teamleden kunnen, willen en waar ze blij van worden. Stimuleer ze zichzelf de vraag te stellen of en hoe zij vanuit hun persoonlijke drijfveren en passie bijdragen aan de collectieve ambitie. Laat ze in de spiegel kijken, zichzelf kwetsbaar opstellen en verantwoordelijkheid nemen om zichzelf te managen en ontwikkelen.

Sluit mensen niet uit door verschillen (in hierarchie, generatie, gender, background, persoonlijke drijfveren), maar zie diversiteit als toegevoegde waarde en kracht. Waak ervoor dat dit niet alleen een papieren onderwerp wordt, maar maak inclusion en gelijkheid concreet door nieuwkomers een warm welkom te geven, een veilige (psychologische) omgeving te creëeren en niet alleen interesse in de professional maar ook in de mens achter de professional te tonen.

En tenslotte: durf los te laten door ruimte en vertrouwen te geven. Waarschijnlijk het belangrijkste en lastigste ingredient als je je momenteel in een hierarchische managementpositie bevindt …

‘Serveer’ de pizza-organisatie door hardop te werken (Working Out Loud). Niet om jezelf in de schijnwerpers te zetten, maar om duidelijk te maken waarom je doet wat je doet en er voor te zorgen dat de verschillende pizzastukken (expertises) op het juiste bordje (vraagstuk) komen te liggen. Bovendien deel je op deze manier relevante informatie (bewustwording, anderen aan laten haken, co-creatie) en bied je de mogelijkheid om feedback of hulp te vragen (zodat je kunt verbeteren en tijdig bij kunt sturen) en van elkaar te leren.

Denk eraan om tijdig te beginnen met het ‘opwarmen’ van de organisatie en blijf het vuurtje tussendoor goed opstoken zodat het zich langzaam verspreidt en het beste resultaat wordt bereikt.

Liefde en lef naar smaak toevoegen!

bron

Lees ook:

Piramides verdwijnen en wendbare organisatie ontstaan

The many upsides of a happy workforce

Lennox Morison op BBC.com. Research shows most of us aren’t really happy to be at work – but there’s a burgeoning new niche of consultants offering to inject some joy into the office. About Incentro, Escape the City and Corporate Rebels.

In 2012, John de Koning’s company did something surprising: they decided their number one priority would be the happiness of their staff. His employer, IT firm Incentro, based in Utrecht, the Netherlands, once operated as a traditional online services provider, with a top-down hierarchy of bosses and employees. But after a market downturn between 2002 and 2005, the management rebooted to become less flashy but more fun; a place where talented, ambitious young professionals would want to work.

Now, all staff are equal and all information about the business is shared. Instead of the usual pyramid structure, people work in independently functioning ‘cells’ – groups of 60 or fewer. As well as organising their own work, they take part in company-wide decisions and even set their own salary. Rather than senior management dictating pay rises, each ‘cell’ or team decides whether they are happy to share salary information. If so, they make a collective decision on what they should earn – based on everyone knowing the full financial picture of the company.

“We decided to introduce just one key performance indicator, and that’s employee happiness,” says de Koning, managing director of Incentro Marketing Technology. By doing so, staff numbers have grown from 40 in 2008 to more than 300 today across four countries, he says.

There’s a burgeoning new niche of happiness-at-work consultants offering to inject joy into the workplace

 

Objective benefits

There are many benefits to putting happiness at the centre of business and policy decisions, says economist Jan-Emmanuel De Neve, a professor at the University of Oxford’s Said Business School. He points to a 2014 study, which suggests that raising people’s happiness makes them more productive by between 7% and 12%.

Raising people’s happiness makes them more productive by between 7% and 12%

In a separate study, researchers took Fortune’s annual list of ‘Best Companies to Work For’ and compared it over time with how peer companies performed on the stock market. They found that the top best-to-work-for firms outperformed the others, and also that investors undervalued the intangibles of employee well-being.

It’s an important piece of research, says De Neve, because it shows that the potential cost of raising well-being is more than matched by productivity and increased performance. Consultancies offering to perk up the mood in the workplace are targeting a potentially large market. In his work for the United Nations’ latest World Happiness Report De Neve found that fewer than 20% of people worldwide were actively engaged with their job and 20% were actively disengaged.

Active engagement is more than mere satisfaction in a job, or at having a job in the first place – it is being positively absorbed by the work you’re doing

Active engagement is more than mere satisfaction in a job, or at having a job in the first place, he explains – it is “being positively absorbed by the work you’re doing, identifying with and promoting the mission of the company you’re working for.”

 

 

 

Positivity pioneers

Wages are far less important to happiness at work than issues related to work-life balance and having colleagues’ support and social capital in the workplace. Having variety in the job, learning on the job and having a sense of autonomy and control over what you are doing were also valued. So what do consultancies propose? For Netherlands-based consultancy Corporate Rebels, which helped Incentro fine-tune their ideas, the approach stems from co-founders Pim de Moree and Joost Minnaar stepping out of corporate life to travel the world collecting pioneering ideas on how to foster a happy workplace.

De Moree tells his clients the key to happiness “involves moving from profit to purpose, from hierarchy to a network of teams, from leaders who tell people what to do, to leaders who ask how they can best support [their team], from rules to freedom, from secrecy to transparency.”

From what they have learned from business leaders and entrepreneurs who have put employee happiness centre stage, Corporate Rebels suggest open-book management – where everyone knows the financial and operational details of where they work. Another is results-based working, where it doesn’t matter how many hours you work, as long as you get the right result.

“The level of well-being of employees ought to be measured systematically and put on page one of the annual shareholders’ report,” he says. “It would send a strong signal about how a company is doing, and how it will be doing in the future.”

bron voor totale artikel

Met €50 korting naar Congres HR Trending Topics op 23 november, met workshop Employee Experience van het HappinessBureau

Het congres HR Trending Topics 2018 vindt plaats op 23 november in Veenendaal. Het Happinessbureau verzorgt een workshop Employee Experience. Als je gebruikmaakt van deze link betaal je als relatie van het HappinessBureau niet €425 maar €375, excl BTW. Dat is €50 korting!

Waar gaat het over in 2018? Welke drie trends springen eruit voor HR?

Per trend belicht een van de keynote sprekers de ontwikkelingen voor 2018. Daarna hebt je steeds de keuze uit twee expertsessies die nog dieper op de trend ingaan.

Wat neem je mee van deze dag?

  • je leert hoe je de nieuwste trends implementeert in de bestaande organisatie (ook al zijn er soms nog traditionele structuren te overwinnen)
  • de drie trends versterken elkaar en je kunt ze niet los van elkaar zien: op deze dag krijg je de handvatten hoe je met deze drie trends jouw organisatie naar een hoger plan brengt

Het programma

De aftrap wordt gegeven door Hans van der Heijden, Deloitte. Hij spreekt over  Zeven Megatrends: over leven en werken in de nieuwe werkelijkheid

De trends:

  • Geluk en Welzijn

Keynote spreker Pascal Verheugd van Hutten en workshops van Gea Peper en Heleen Mes- Happinessbureau over Employee Experience en Elsbeth de Korte-TNO over well-being apps

  • Feedback en Medewerkersbeleving

Keynote spreker Guido Heezen, Effectory en workshops van Rick Daams en Jolanda Hidding- EY over feedbacksystemen en Ruud Verbeek en Tineke de Wolf, Eneco over prestatiemanagement in de nieuwe wereld

  • Technologie en Data

Keynote spreker Sander Duivestein– trendwatcher en workshops van Yorrick MentingHigher & Company en (spreker volgt) privacy aspecten

Stand-up musician Bart Kiers vat de dag op muzikale en humoristische wijze samen

We hopen jullie te ontmoeten op 23 november!

Zie ook:

2-daagse Workshop Employee Experience op 2 en 12 oktober

Opleiding tot werkgelukdeskundige

60% korting op The Global HR Fest, 4-5 oktober in Brussel

 

Een agile organisatie hoeft nooit te reorganiseren

Guido Heezen op Effectory.nl, juni 2017. Traditionele bedrijven krijgen het gevoel: als we niets doen, dan gaan we de strijd verliezen van de disruptors en de startups. Organisaties die functioneren op basis van command & control, vaste structuren en ingesleten gewoontes, worden op den duur krakkemikkig. Na drie of vier reorganisaties zijn mensen echt helemaal murw geslagen. Continue in beweging blijven doe je af te vragen: wat is de bedoeling van onze organisatie? En door agile werken en sociale innovatie.

Veel directies en raden van bestuur twijfelen aan hun eigen organisatie. Ze zien dat die best wel groot en log is geworden. En ze twijfelen aan de structuur en het reactievermogen ervan. Menno Lanting heeft een mooie metafoor hiervoor. De organisatie voelt als een olietanker, die voortdurend wordt ingehaald door speedboten. Die bootjes zijn startups, die toegevoegde waarde bieden op een innovatieve, technologisch hoogwaardige manier.

Disruptors

Traditionele bedrijven krijgen het gevoel: als we niets doen, dan gaan we de strijd verliezen van de disruptors en de startups. Ze zijn bang hetzelfde lot te ondergaan als de traditionele hotelsector door Airbnb, de taxisector door Uber en de muzieksector door Spotify. Hun angst is terecht. Als organisaties zich niet voortdurend aanpassen aan nieuwe technologische ontwikkelingen, dan kan hun bestaansrecht inderdaad wegvallen. En dat geldt voor alle sectoren. Van zorgorganisaties tot financiële instellingen. De huidige wereld vraagt een enorme flexibiliteit. Agile is daarom momenteel het grote buzzwoord.

Zorg dat de frictie zich niet opbouwt

Organisaties gaan er vaak vanuit dat wendbaarheid van buiten moet komen. Ze denken: als we maar voldoende jong talent binnenhalen, dan vernieuwt onze organisatie vanzelf. Dan worden we vanzelf wendbaar. Maar dat is een denkfout. Organisaties die functioneren op basis van command & control, vaste structuren en ingesleten gewoontes, worden op den duur krakkemikkig. Ze zullen krakend en piepend tot stilstand komen. Hoe dan ook. Hoeveel talent ze ook in huis halen. Dat komt omdat ze patronen in stand houden die niet langer bij het organisatiedoel passen. Ze laten medewerkers werk doen dat inmiddels overbodig is, enkel en alleen omdat het nu eenmaal altijd zo gegaan is.

Vaak loopt de spanning binnen dit soort bedrijven geleidelijk op. Er ontstaat steeds meer frictie tussen wat de mensen doen en wat de organisatie zou moeten doen. Die twee aardplaten schuiven tegen elkaar op, totdat de spanning zich wel moet ontladen in een aardbeving. Een reorganisatie is dan onontkoombaar geworden. Die leidt vervolgens tot (te)veel slachtoffers en verlies van vertrouwen. De bevlogenheid en betrokkenheid van medewerkers krijgt een flinke klap. Zeker wanneer het niet bij één reorganisatie blijft. Na drie of vier reorganisaties zijn mensen echt helemaal murw geslagen. Creativiteit en innovatief vermogen is dan ver te zoeken.

Durf continue je structuur aan te passen

Hoe blijf je als organisatie dan wel in beweging? Niet alleen door nieuw talent aan te trekken. Want talent past zich aan. Het zal binnen een logge organisatie daarom vastroesten of gedesillusioneerd weggaan. In beweging blijven doe je in de eerste plaats door je voortdurend af te vragen: wat is de bedoeling van onze organisatie? En zijn we daar dan ook echt mee bezig? En als het antwoord op deze vraag ‘nee’ is: zijn we dan bereid om onze structuur en werkwijze hierop aan te passen? Zo heeft Effectory in 2011 besloten om geen nieuwe managementlaag aan de organisatie toe te voegen. Ook al groeiden we snel. Want extra management past niet bij wie we zijn en bij ons organisatiedoel: de bevlogenheid en betrokkenheid van medewerkers vergroten. Als je daar zelf ook naar streeft, dan is weinig management, gedeeld leiderschap en veel autonomie voor de medewerkers een vanzelfsprekende keuze.

Vraag medewerkers om ideeën

Agile is momenteel een hype. Maar eigenlijk is het niet meer dan beweeglijkheid. Het is het vermogen om je continu aan te durven passen. Geïnitieerd en gedragen door je medewerkers. Zij zijn de ogen en oren van de organisatie. Zij kunnen ervoor zorgen dat processen aansluiten bij de wensen van klanten. Goede werkgevers maken gebruik van sociale innovatie. Zij vragen hun medewerkers hoe het werk sneller, goedkoper, slimmer en klantgerichter kan. En dat is precies waar wij met Effectory zo graag een rol bij spelen. Het op een luchtige en laagdrempelige manier onderzoeken of medewerkers het spel snappen en bereid zijn erin mee te gaan. En natuurlijk door ze te vragen wat ze nodig hebben om met plezier en passie bij de organisatie te werken. Want als zowel de betrokkenheid als bevlogenheid van medewerkers groot is, wordt een organisatie vanzelf creatief en wendbaar.

Bron

5 redenen waarom Denen gelukkiger zijn op hun werk dan Amerikanen.

Fastcompany.com. Alexander Kjerulf, Keynote speaker over gelukkig werken en auteur van ‘Happy hour is van 9 tot 5’ woont in het gelukkigste land ter wereld. Waarom Denen gelukkiger zijn op het werk dan andere landen: 5 redenen.

You will often see Denmark listed in surveys as the “happiest country on the planet.” Interestingly Danes are not only happy at home, they’re also happy at work. According to most studies of worker satisfaction among nations, the happiest employees in the world are in Denmark. The U.S.? Not so much. Here’s just one data point: a recent Gallup poll found that 18% of American workers are actively disengaged, meaning they are “emotionally disconnected from their workplaces and less likely to be productive.” The same number for Danish workers is only 10%.

But why are Danish workers so happy compared to their American counterparts? Here are five fundamental differences.

1. Reasonable working hours

Some non-Danes wonder if Danes ever work. Not only do Danes tend to leave work at a reasonable hour most days, but they also get five to six weeks of vacation per year, several national holidays and up to a year of paid maternity/paternity leave. While the average American works 1,790 hours per year, the average Dane only works 1,540, according to Organization for Economic Cooperation and Development (OECD) statistics. Danes also have more leisure hours than any other OECD workers and the link between sufficient leisure and happiness is well established in the research.The difference in the U.S. is stark, and many American companies celebrate overwork as a sign of commitment. “You have to put in the hours” is the message in the mistaken belief that the more hours you work, the more work you get done. We call this “The Cult of Overwork.” Danish companies, on the other hand, recognize that employees also have a life outside of work and that working 80 hours a week is bad for both employees and the bottom line.

2. Low power distance

In the U.S., if your boss gives you an order, you pretty much do what you’re told. In a Danish workplace, extremely few direct orders are ever given and employees are more likely to view them as suggestions. Dutch sociologist Geert Hofstede has quantified the business culture in more than 100 countries on several parameters, one of which is “power distance.” A high power distance means that bosses are undisputed kings whose every word is law. U.S. workplaces have a power distance of 40 while Danish workplaces–with a score of 18–have the lowest power distance in the world.

3. Generous unemployment benefits

In Denmark, losing your job is not the end of the world. In fact, unemployment insurance seems too good to be true, giving workers 90% of their original salary for two years. In the U.S., on the other hand, losing your job can easily lead to financial disaster. This leads to job lock (i.e. staying in a job you hate) because you can’t afford to leave. Additionally, until very recently, losing your job in the States often meant losing your health care which also contributed to job lock but with the Affordable Care Act, this will be mitigated.Simply put: If you’re a Dane and you don’t like your job, your chances of quitting that job without risking serious financial problems are much better, forcing companies to treat their employees well or risk losing them.

4. Constant training

Since the mid-1800s, Denmark has focused on life-long education of its workers. This policy continues to this day, with an extremely elaborate set of government, union, and corporate policies that allow almost any employee who so desires to attend paid training and pick up new skills. It’s called an “active labor market policy,” and Denmark spends more on these types of programs than any other country in the OECD.This lets Danish workers constantly grow and develop and helps them stay relevant (not to mention stay employed) even in a changing work environment.

5. A focus on happiness

While the English and Danish languages have strong common roots, there are of course many words that exist only in one language and not in the other. And here’s a word that exists only in Danish and not in English: arbejdsglæde. Arbejde means work and glæde means happiness, so arbejdsglæde is “happiness at work.” This word also exists in the other Nordic languages (Swedish, Norwegian, Finnish and Icelandic) but is not in common use in any other language on the planet.

To most Danes, a job isn’t just a way to get paid; we fully expect to enjoy ourselves at work.The U.S. attitude towards work is often quite different. A few years ago I gave a speech in Chicago, and an audience member told me that “Of course I hate my job, that’s why they pay me to do it!” Many Americans hate their jobs and consider this to be perfectly normal.

The upshot

I’m not trying to paint Danish companies as utopias for workers and their American counterparts as tyrannical hellholes. There are bad Danish workplaces and stellar American ones–Zappos and Google are two that I’ve personally visited and studied.But studies have uncovered a number of systemic and cultural differences between the two nations that serve to explain why Danish workers are on average so much happier than American ones.This goes far beyond happiness. We know from any number of studies that happy workers are more productive and innovative and that consequently, happy companies have happier customers and make more money. This may help explain why Danish workers are among the most productive in the OECD and why Denmark has weathered the financial crisis relatively well, with a current unemployment rate of only 5.4%.

Bron

Hoe Miss Etam haar hele wervingsproces snel én speciaal maakte

Blog op werf-en.nl, juni 2017. Miss Etam voert met elke kandidaat nog slechts 1 sollicitatiegesprek. En op CV en motivatiebrief wordt nauwelijks meer gelet. Toch ging de quality-of-hire er met sprongen vooruit. Hoe is dat gelukt?

Voor een retailer is de selectie van het juiste personeel van meer belang dan ooit. Miss Etam is daarop bepaald geen uitzondering. Maar goed personeel is schaars, ook in de modebranche. Met bijna 100 winkels in Nederland heeft de damesmodeketen dan ook voortdurend een fiks aantal vacatures openstaan.

Hoe komt iemand over?

Maar selectie op basis van een CV en een motivatiebrief? Daar geloven ze nauwelijks meer in bij Miss Etam, vertelt HR Business Partner Kim Thannhauser. ‘Wij vinden het belangrijk hoe een persoon op iemand overkomt. Een combinatie van lef, verkoop en service staat bij onze salesorganisatie hoog in het vaandel. Maar dit zijn eigenschappen die je niet in een kandidaat herkent op basis van een cv of een motivatiebrief.’

150 videosollicitaties per maand

Miss Etam vraagt daarom sinds 1,5 jaar aan elke kandidaat om een video in te spreken, via het systeem van Cammio. ‘Op welke salesvacature je ook wilt reageren, een videosollicitatie is nu standaard onderdeel van de procedure’, vertelt Thannhauser. ‘Kandidaten ontvangen na hun sollicitatie de videolink. Zonder deze link te openen gaan ze niet verder in het proces en ontvangen ze een afwijzing.’

‘Wij krijgen nog steeds ontzettend veel sollicitanten binnen, zeker 150 per maand’

Die verplichte video vonden ze bij Miss Etam ‘in het begin wel even spannend’, geeft ze toe. Maar het heeft uiteindelijk niet voor minder sollicitanten gezorgd. ‘Wij krijgen nog steeds ontzettend veel sollicitanten binnen, zeker 150 per maand. Maar dit zijn nu wel 150 kandidaten die serieus geïnteresseerd zijn in een baan bij ons en daarom de moeite hebben genomen een videosollicitatie op te nemen.’

Door de zenuwen heen kijken

Kandidaten krijgen in de videosollicitatie vijf vragen over commercie en klantbenadering, die ze elk binnen 1 minuut moeten beantwoorden. ‘We zoeken mensen die passen bij Miss Etam’, verklaart Thannhauser. ‘Daarom willen we graag de persoon achter het CV en de naam leren kennen. Al snappen wij natuurlijk ook heel goed dat het spannend is om op beeld vragen te beantwoorden, en is onze recruiter daarom getraind om door de zenuwen heen te kijken.’

Eerste gesprek meteen het laatste

Elke videosollicitatie wordt bekeken door de (assistent-)recruiter en op basis hiervan wordt besloten of de kandidaat wel of niet door mag in het proces. ‘Het CV en een eventuele motivatiebrief worden in de eerste stap niet als selectiecriterium gebruikt’, vertelt Thannhauser. ‘Dat gebeurt pas in de volgende stap; het sollicitatiegesprek met de regiomanager en de recruiter of een HR-adviseur. Dit is trouwens ook meteen het laatste gesprek. Kort daarna beslissen we of we iemand wel of niet aannemen.’

Meer kwaliteit, snellere aanname

Voorheen moesten kandidaten nog door 2 sollicitatiegesprekken heen voordat ze al dan niet werden aangenomen. Zowel de winkel- als de regiomanager wilden een apart gesprek met de kandidaat. ‘Nu is recruitment meer gecentraliseerd en is de kwaliteit van de reacties toegenomen, waardoor minder kandidaten ‘beoordeeld’ hoeven te worden’, zegt Thannhauser. ‘Daardoor is de doorlooptijd minder en kan de aanname sneller gaan.’

Geen rompslomp meer

Om de kandidatenstroom goed te kunnen verwerken, is enige maanden geleden ook een nieuw recruitmentsysteem aangeschaft, bij HROffice. ‘Dat betekent dat we nu niet langer vastzitten aan een administratieve rompslomp met veel handmatige handelingen, maar juist een flinke tijdsbesparing en een grondige kwaliteitsslag zien’, aldus Thannhauser.

Nog maar 40 à 45 vacatures

Die winst zie je bijvoorbeeld terug in een sterke daling van het aantal openstaande vacatures, ‘omdat vacatures nu veel sneller vervuld worden’. Waar Miss Etam voorheen zo’n 80 vacatures per maand had openstaan, is dat nu teruggebracht naar zo’n 40 à 45. ‘Daarnaast biedt het nieuwe systeem ons ook de mogelijkheid kandidaten direct te controleren via het waarschuwingsregister van Stichting Fraude Aanpak Detailhandel.’

Nieuwe voorkant

HROffice zorgde niet alleen voor de ‘achterkant’ van het systeem, maar ontwierp ook een heel nieuwe ‘voorkant‘, die een half jaar geleden live ging. De recruitmentsite die Miss Etam had, was namelijk ‘sterk verouderd en niet meer passend bij de uitstraling die we als merk wilden hebben’, aldus Thannhauser. ‘Een goedwerkende werkenbij-site kon naar onze mening dan ook niet ontbreken.’

‘Een goedwerkende werkenbij-site kon niet ontbreken, vonden we’

De juiste koppelingen

Thannhauser roemt de nieuwe site om de vindbaarheid van de vacatures, het frisse ontwerp dat aansluit bij zowel de doelgroep als de corporate website, en de integratie met het recruitmentsysteem aan de achterkant. ‘De site is veelal, samen met de winkel, de start voor de Employer Journey. We vertellen hier over onze cultuur en interne waarden. Maar het is ook onze portal waarin de juiste koppelingen verwerkt zitten. Denk aan het videosolliciteren, maar we willen op termijn ook ons HR-systeem eraan koppelen en nieuwe medewerkers voor onze pre- en onboarding app ermee kunnen uitnodigen. Zo kunnen we nog meer efficiency ermee behalen.’

Eind 2016 in een stroomversnelling

Het hele proces van de verbetering van het recruitmentproces raakte eind vorig jaar in een stroomversnelling, vertelt Thannhauser. ‘In een korte periode moesten toen ongeveer 100 vacatures ingevuld worden. We wilden er zeker van zijn dat we al deze vacatures zouden kunnen invullen op basis van een recruitmentproces van hoge kwaliteit, met als resultaat ook een nieuwe instroom van hoge kwaliteit, die voldoet aan onze vijf interne waarden: vertrouwd, optimistisch, ondernemend, resultaatgericht en toegankelijk.’

1.100 videosollicitaties ontvangen

Sinds begin januari heeft Miss Etam al zo’n 1.100 videosollicitaties ontvangen. ‘Bij gemiddeld 45 vacatures per maand komt dat neer op zo’n 5 sollicitaties per vacature. Van die 5 kandidaten per vacature spreken we gemiddeld 2 à 3 kandidaten,en daar wordt dan weer 1 kandidaat van aangenomen.’

Afwijzing met complimentenkaartje

En wat gebeurt er overigens met de overige kandidaten? ‘We zijn bezig om ook de afwijzing speciaal te maken’, aldus Thannhauser. ‘En we doen dat op een manier die helemaal past bij wie we zijn en waar we in geloven. Naast de afwijzing per mail gaan we kandidaten nog extra bedanken via een complimentenkaartje dat ze op hun huisadres krijgen. We willen daarmee laten zien dat we het enorm waarderen dat kandidaten de moeite nemen en veelal uit hun comfortzone stappen om een videosollicitatie op te nemen. We zien trouwens aan de feedback die kandidaten achterlaten in het systeem dat ze zo’n video als spannend maar voornamelijk toch ook als leuk ervaren.’

Bron

Best gelezen artikelen op Happy People Better Nieuws in eerste halfjaar 2017

In het eerste half jaar van 2017 werd bijna 30.000 keer een artikel gelezen op de nieuwssite. Welke waren populair?

Top 5 best gelezen artikelen op Happy People Better Business Nieuws:

1. Stop met het verbeteren van je medewerkers

Mark Ernst stelt hij dat het willen verbeteren van medewerkers zelden nut heeft. Hij noemt 6 zaken waar je als manager aandacht aan moet besteden om een gemotiveerd team te leiden.

2. Maak eerst je werknemer gelukkig, de klant volgt vanzelf

Fenna ter Meulen interviewde voor de VVAO Gea Peper en Heleen Mes van het HappinessBureau over hun missie om van gelukkig werken de norm te maken en hoe je dat in de praktijk doet.

3. Welkom, kpi’s gebaseerd op ‘return on happiness’

John de Koning, managing director van Great Place to Work nr 1 Incentro: Als we de Tayloriaanse formule voor succes omdraaien en vertrekken vanuit het perspectief ‘geluk’, krijg je happy and engaged employees met als resultaat maximale return on happiness.

4. Ricardo Semler: vijf lessen voor gelukkige werknemers

Uit wereldwijd onderzoek blijkt dat veel medewerkers ongelukkig zijn op het werk. Maar liefst 70 procent voelt zich niet betrokken bij zijn werkplek en dat gaat ten koste van de onderneming. Ricardo Semler van het Braziliaanse Semco bewijst dat het anders kan. Hij zette het geluk van werknemers voorop en bouwde zo een megabedrijf.

5. Economie bloeit op, maar werknemers bozer dan ooit

Op basis van de gunstige economische ontwikkeling zou men verwachten dat werknemers energiek en positief aan de slag zijn. Niets is minder waar. Er stroomt nog steeds onnodig veel menselijke energie weg uit organisaties. De stemming op de werkvloer is niet positiever, maar negatiever dan ooit. Dit blijkt uit het onderzoek ‘De energie van werkend Nederland’.

Meer weten over Gelukkig Werken, Employee Experience en Topwerkgeverschap? Check de actuele nieuwssite Happy People Better Business Nieuws voor de grootste databank aan artikelen, boeken, workshops, evenementen en filmpjes uit de (inter)nationale media over gelukkig werken, employee experience, autonomie, zelfsturing, complimenten, job crafting, inspirerend leiderschap, werkplezier, voorbeeldorganisaties en nog veel meer.

 

 

 

5 Ways to Build a Culture of Caring

Adam Fridman op Inc.com. The idea of a culture of caring encompasses many things: leaders caring about employees, employees caring for each other and for customers, and everyone in the company caring about the company’s purpose. 5 Ways: Communicatie Purpose, Empoyer & Engage, Go off Script, Focus on Personal Relationships and Listen and share stories. “It’s about humanity.”

What is a culture of caring? What does it look like? Why does having a culture of caring matter?

The idea of a culture of caring encompasses many things: leaders caring about employees, employees caring for each other and for customers, and everyone in the company caring about the company’s purpose.

Why does having a culture of caring matter? Because it impacts your bottom line: culture impacts employee engagement, which in turn affects absenteeism, retention and productivity. Culture also impacts the customer experience: happy cultures produce happy employees and therefore happy customers. Employees who are are focused on the customer experience and see themselves as an empowered and important member of the team are more likely to provide a positive customer experience.

But a culture of caring isn’t just about caring for your employees and having them care for customers. It’s about caring why you do what you do in the first place. It’s about answering question like, “why you do what you do? What do you believe? How can you be most impactful?”

Companies that can answer these questions have a culture of caring that sets them apart. So how do you build this kind of culture? Here are five ways.

1. Clarify and communicate your purpose.

Part of building a community of caring is aligning what you believe as a company with what you do and how you do it. Employees must understand your business’ purpose in order to help achieve it. Customers must believe in that purpose in order to engage with your brand. This is about understanding not just what the product is that your company or brand makes or delivers, but caring about why it matters.

I recently talked to Eric Reynolds, Chief Marketing Officer of The Clorox Company, a consumer packaged goods manufacturer that makes cleaning products that are found in more than 75% of American homes. According to Reynolds, Clorox’s purpose isn’t making bleach, or making cleaning products. Clorox’s “why” – the belief system that drives the company – is that clean matters. Clorox’s purpose is helping build a cleaner world.

“Our purpose was forged before we were conscious of purpose,” said Reynolds. “In WWII when materials were scarce, Clorox was so committed to clean that the company refused to change its ingredients because of fears the products would lose their disinfectant properties. Our name is so connected to clean that our products were used on the Apollo space capsule. And we’re still committed to helping to build a cleaner world, whether it’s in people’s homes, cleaning up after floods and natural disasters, or maintaining a healthy environment in healthcare facilities and schools. That purpose has connected culturally with customers, consumers and our employees for more than 100 years.”

2. Empower and Engage

So how do you get employees, customers and the world to engage with what you believe? You can’t force a belief down people’s throats, and you can’t force employees and customers to care about your purpose.

According to Reynolds, creating a culture of caring is about empowering and engaging your community – whether its employees, customers or the world. It means providing the tools to be successful and an environment where employees feel empowered to take action that helps the company, community or world.

Reynolds said, “For us, the question is how do you keep 3,000 people immersed in a point of view? We try to provide tools that help employees understand the meta-narrative, what is the story we’re telling about Clorox. When it doesn’t happen, it’s usually because we lost focus on those stories. So we return to those tools and foundational documents about our culture that are an integral part of bringing on new employees or starting new work.”

3. Go Off Script.

Of course, empowerment isn’t just about providing manuals and scripts. Sometimes empowerment is about providing people permission to go off script.

Maryam Banikarim, Chief Marketing Officer of Hyatt recently talked to me about the difference between the idea of customer service, and caring. Hyatt is on a purpose-driven journey with care at its core. The company has reexamined all aspects of its business through the lens of its purpose, “to care for people so they can be their best.”

“Service is transactional,” added Banikarim. “But caring is more than that. It isn’t a reward mechanism. We say that empathy + action = care. Caring is about giving people permission to be human.”

She continued, “Policies and procedures allow you to be consistent, so that you deliver the same type of service experience across many regions. But if you’re going for care, what people want is authenticity more than perfection. There isn’t a manual for that. So we’ve moved to an idea where people can be unscripted, be human and respond in the moment.”

Read further on Inc.com    for the whole article

4. Focus on Personal Relationships

At an operational level, this can mean things like spending more frequent “face-time” with teams, or having a meeting instead of communicating by emails.

5. Listen, Connect and Share Your Stories

Sharing stories is something that you can do internally or externally, but the most effective way to share stories if you want to build a culture of caring is to engage customers, employees and others that are part of your community or tribe. Some companies do this with communities like media hubs and websites, others work to build more personal connections.

 

Bron

Awardwinnaar CM Telecom: Tot 100 medewerkers hoef je niet te managen

Interview door Cris Zomerdijk en Sjuk Akkerman op managementsite.nl. CM Telecom in Breda is een snelgroeiende zakelijke dienstverlener gespecialiseerd in het afhandelen van grote hoeveelheden sms-berichten en betalingen voor de B2B markt. Jeroen van Glabbeek is zestien jaar geleden deze onderneming gestart vanuit de filosofie dat werk iets moet zijn dat je leuk vindt en waarbij je meer hersencapaciteit gebruikt dan de gemiddelde zeven procent. De afgelopen jaren heeft CM Telecom diverse onderscheidingen ontvangen waaronder: ‘Slimste Bedrijf’, ‘Great Place To Work’, en ‘FD Gazelle’ voor de snelle groei. Hoe werkt de aanpak van Jeroen van Glabbeek in de dagelijkse praktijk en wat kunnen andere dienstverleners leren van deze manier van werken en anders organiseren? “Als je lekker werkt en je thuis voelt in de organisatie dan vraag je helemaal niet om een organogram. Eigenlijk spreek ik onze mensen aan op alles waar je een computer niet op aan kunt spreken.”

Veel bedrijven zijn gebouwd op achterhaalde managementdenkbeelden

Toen ik begin 20 was en stage liep vanuit mijn opleiding Technische Bedrijfskunde, zag ik veel mensen die niet met plezier werkten. Bovendien had ik een gezonde weerstand tegen de managementmodellen die ik gedoceerd kreeg, waarbij de maakbaarheidsgedachte centraal stond en traditioneel het ‘denken’ en ‘doen’ gescheiden wordt. Je laat hierdoor een enorme (hersen)capaciteit van mensen onbenut. Ik wilde aantonen dat werk heel leuk kan zijn en dat je heel concurrerend kunt zijn als je nieuwe manieren van denken durft te omarmen. Om dit aan te tonen ben ik 16 jaar geleden gestart met Club Message (CM), een ‘bulk-sms’ dienst voor discotheken, omdat we daar zelf toen met veel plezier kwamen en dachten dat het contact met de klant beter kon.

We zijn vanaf dag één gaan bouwen vanuit drie principes en sturen hier nog steeds dagelijks op in onze overleggen en performancegesprekken:

  1. Doe wat je leuk vindt.
  2. Doe wat je goed kan.
  3. Draag een steentje bij.

In plaats van met missie, visie, strategie, organogrammen en functiebeschrijvingen je mensen te sturen, geloof ik er in dat je moet starten met leuke mensen die een plan hebben. Als je hen de ruimte geeft en op bovenstaande drie principes stuurt, komen daar de goede dingen uit. Zowel in de performancegesprekken als in de dagelijkse praktijk bevragen we elkaar op deze drie punten. En dan merk je dat er continu ideeën worden besproken en mensen in actie komen.

Ook naar klanten werken we vanuit deze drie principes. Dit betekent dat we wel eens afscheid nemen van een klant die weliswaar aan omzet een steentje bijdraagt, maar waar we niet plezierig mee werken of geen waarde (meer) toevoegen. Wij hebben nog nooit een vacature geplaatst en mensen komen hier vanzelf aan. Ondernemende en bevlogen personen die graag willen bijdragen en altijd ideeën hebben om hun steentje bij te dragen. Zo is onze collega die de zorgmarkt bedient een oud-medewerker op de intensive care geweest, die de ziekenhuiswereld als geen ander kent. Ook is recent een grafisch vormgever verkoper geworden omdat hij dat leuker vindt en beter in blijkt te zijn.

Ik vind het asociaal als jij werk doet wat je niet leuk vindt. Er is namelijk altijd wel een andere persoon die dat werk wel leuk vindt. Als diegene het oppakt is hij er vaak ook beter in. We maken dat hier openlijk bespreekbaar, ook al is het niet leuke deel slechts vijf tot tien procent van je werkzaamheden. Juist die tien procent leidt tot energieverlies, uitstelgedrag, foutjes, en kan op andere plekken in de organisatie gevolgen hebben. Iedereen pakt hier iets uit de berg werk en zo bouw je als vanzelf aan een diverse organisatie. Zo deed ik vroeger nog met tegenzin zelf de Btw-aangiftes, totdat een collega dit zag en het daarna met veel plezier over heeft genomen. Veel van dit soort taakuitwisselingen verlopen ongepland en ideeën gaan rond in de wandelgangen of via weblogs op onze intranetpagina. Soms wijzen we tijdelijk werk toe als er genoeg geloof is in een idee, maar ook dan blijven we checken of de drie principes gelden. Tijdens tweewekelijkse meetings zijn medewerkers welkom om ideeën en taken uit te wisselen; op vrijdagochtend een technische meeting en op maandagochtend een commerciële meeting. Er doen altijd zo’n 20 enthousiaste collega’s mee en anderen kiezen er voor om lekker door te werken.

Zo min mogelijk managen, zoveel mogelijk meten

We zijn heel hard op de systemen en prestaties en zacht op de mensen. Mensen leggen we in de watten en de machines moeten in het donker 24 uur doordraaien. We meten alles nauwkeurig en ik ben ervan overtuigd dat alles dat een computer sneller of beter kan, je niet zelf moet gaan doen. De core-business draait bij ons om het steeds verbeteren van ‘onze computer’. Alle informatie die ik nodig heb van ICT-ontwikkeling tot Sales en Performance-informatie kan ik uit het systeem halen en delen we in de organisatie. Iedereen heeft hier de mogelijkheid om te gaan ‘grasduinen’ in onze data. En markt- en productmanagers maken regelmatig presentaties over de ontwikkelingen binnen sectoren en delen deze informatie via ons intranet.

Door hierin heel transparant te zijn krijgen medewerkers continu inzicht in hun bijdragen. Doordat zij zich ‘afmeten’ tegen hun eigen plannen motiveren zij zichzelf.

Het enige dat we naast het meten en delen van informatie faciliteren is het creëren van ontmoetingsmomenten, waar peers hun ervaringen delen. Zo komen bijvoorbeeld onze ‘Sales-collega’s’ uit alle landen regelmatig bij elkaar om ervaringen en voorbeelden te delen. Als het ene land beter presteert zoeken peers elkaar op en delen zij lessen.

Eigenlijk spreek ik onze mensen aan op alles waar je een computer niet op aan kunt spreken. Het draait dan om zaken als creativiteit, empathie en design. We dagen elkaar continu uit om creatief en ondernemend te denken. Zo versturen onze servers nu zo’n 2.000 sms’jes per minuut. Een logische vernieuwingsvraag is hoe we dit naar 4.000 kunnen verhogen. Je gaat echter pas echt anders denken en handelen als je de vraag verhoogd naar 100.000 sms’jes per minuut. Door deze ‘exponentiele vragen’ te stellen dwing je elkaar om zowel mindset, werkwijzen als systemen volledig opnieuw te bekijken. We zijn hierdoor achter de schermen al in staat om tot 80.000 sms’jes per minuut te versturen.

Tot 100 medewerkers hoef je niet te managen

Ons model heeft tot 100 medewerkers prima gewerkt. Je kent dan iedereen nog, hoeft weinig te formaliseren en het is overzichtelijk welke werkzaamheden op de berg blijven liggen. Op dit moment werken hier meer dan 200 mensen en dan komen er enkele uitdagingen op je pad.

De diversiteit in medewerkers en opgaven neemt verder toe: hierdoor krijg je nieuwe en meer ervaren medewerkers in dienst, die op andere manieren hebben gewerkt. Zij vallen snel in de ‘control reflex’ en willen zaken gaan formaliseren en structureren omdat ze dit gewend zijn. Daarnaast neemt ook de roep om (risico)-beheersing vanuit toezicht toe. Ook hier ligt het gevaar op de loer dat je gaat ‘afvinken’ en procedures gaat volgen. Ik waak ervoor dat het ‘controle- en beheersingsdenken’ leidend worden, en wil dat medewerkers te alle tijde hun gezond verstand blijven gebruiken.

Allereerst door medewerkers continu bewust te maken van dit spanningsveld. En vervolgens vanuit respect dilemma’s bespreekbaar te maken. Het met elkaar ‘werkbaar houden’ is steeds het uitgangspunt. We bekijken dan met elkaar hoe het wel kan, dit vereist creativiteit.

Ik vergelijk het regelmatig met de werkwijzen van architecten. Die hebben ook strakke kaders vanuit wetgeving, wensen van opdrachtgevers en bouwkundige voorschriften, toch lukt het hen om met oplossingen te komen die je verrassen en niet eerder zijn bedacht.

Nu we sterk internationaal groeien is een andere uitdaging het verschil in culturen. In bijvoorbeeld België en Frankrijk is er een zeker wantrouwen tegen ‘de baas’ en is het spel erop gericht hoe jij jouw ingeleverde tijd aan de werkgever, ruilt voor zo veel mogelijk salaris. Het kan soms jaren duren voordat je eenzelfde gedachtegoed hebt geïnternaliseerd. Soms lukt dit maar voor zestig procent en is dat wat het is. Eén ‘globale cultuur’ creëren is niet mogelijk voor ons type bedrijf. Je zult lokaal blijven aanpassen. Een aantal mensen die al vanaf het eerste uur betrokken is, gaan regelmatig naar deze landen toe om in de uitvoering mee te doen.

Voorbeeldgedrag is cruciaal. Dit zit in kleine dingen; als ik een uur eerder begin doen anderen dat ook en als ik vaker naar de klant ga kopiëren collega’s dit gedrag. Praten in duidelijke taal hoort ook bij voorbeeldgedrag. Zo heb ik een gezonde irritatie voor management- en oorlogstermen als ‘resources’, ‘taskforces’, ‘SLA’s’ en ‘product-owners’.

Dit leidt allereerst tot verwarring en interpretatieverschillen en bovendien haken medewerkers af op dit soort termen. Houd aansluiting met je klanten en dienstverlening en durf als directeur ook te zeggen als je iets niet snapt.

Waar kom jij beter tot je recht?

Elke week komen hier nieuwe mensen werken, en ongeveer iedere twee maanden nemen we afscheid van iemand. Doordat hij/zij het niet leuk vindt of niet goed genoeg is voor de werkzaamheden, of prestaties achterblijven. We houden met deze personen nog jarenlang contact om erachter te komen of iemand het elders leuker gaat vinden. Uit onze opvolging blijkt dat 95 procent uiteindelijk inderdaad gelukkiger wordt bij een andere werkgever. Als je hierover helder communiceert en het gesprek aangaat levert dit voor beide partijen betere resultaten op. Ik vind het heel gezond dat je ieder jaar van 10 procent van je personeel afscheid neemt.

Creativiteit vraagt discipline

Terugkijkend, is een belangrijke les dat je in ons type organisatie discipline nodig hebt om de complexiteit te elimineren.

Er lopen hier allemaal mensen met geweldige ideeën rond. Het gevaar is dat je continu nieuwe dingen bedenkt, zonder het oude te stoppen of te ‘de-installeren’. Je moet het opgeruimd en simpel houden en daar ben ik continu scherp op. Zo plakken wij op onze servers niet de datum van ingebruikname maar de datum over vijf jaar wanneer we ermee stoppen. Ook voor onze dienstverlening stellen we einddatums, dit houd je scherp en brengt discipline. We denken hier in termen van drie tot vier jaar om te voorkomen dat je gaat ‘indutten’ en je (tijdelijke) succes blijft kopiëren.

Een andere les is dat een standaardoplossing soms beter is dan een maatwerkoplossing, ook al is hij slechter.

Standaardiseren kan op gespannen voet staan met onze maatwerkoplossingen. Ik heb geleerd dat je juist dingen die goed gaan, snel moet opschalen en standaardiseren. Dingen die fout gaan moet je juist klein maken en verder mee experimenteren. Wel hard leren van deze fouten, maar de consequenties klein houden en verder gaan met fine-tunen. Als je hier een discipline in ontwikkelt, blijf je continu ontwikkelen, word je iedere dag beter en voorkom je dat er ingrijpende transformaties of ingrepen nodig zijn.

Denkbeeldige organisatiestructuur

Als CEO loop ik constant heen en weer tussen de toekomst over vijf jaar en het heden. Door veel in gesprek te gaan en verhalen te delen probeer ik anderen hierin mee te nemen. Om de verdere groei in goede banen te leiden hebben we naast onze ‘ongestructureerde organisatieformule’, welke werkt tot 100 medewerkers ook een ‘gestructureerde organisatieformule’ vanaf 100 medewerkers ontwikkeld. Deze is niet gepresenteerd als ‘blauwdruk’ maar vormt een intern denk- en praatstuk. Zo’n vijf mensen vragen ernaar en daarmee voeren we actieve gesprekken. Het interessante is dat het de meeste medewerkers niets boeit. Als je lekker werkt en je thuis voelt in de organisatie dan vraag je helemaal niet om een organogram.

Het proces verloopt bij ons heel organisch en experimenterend. Zo werken onze Sales & Development medewerkers nog in een ongestructureerde formule zonder directeur, en zijn onze collega’s van Financiën nu in een meer geformaliseerde omgeving werkzaam, aangestuurd door een directeur. Dit vergroot zowel de herkenbaarheid voor de collega’s binnen deze ‘cel’ als de herkenbaarheid naar andere ‘cellen’.

Ik ben benieuwd hoe dit over vijf jaar uitpakt en pleit voor meer onderzoek naar bedrijven met onze omvang. De grote managementdenkers zoals bijvoorbeeld Peter Drucker en Michael Porter hebben zich altijd gericht op grote organisaties en dus hebben we gemakshalve deze managementlessen getransformeerd naar kleinere organisaties. Dat werkt echter niet. Kleine bedrijven hebben andere uitdagingen, waarbij continuïteit voorop staat. Grote bedrijven zijn vooral bezig met complexiteit. Bovendien hebben deze managementdenkers zelf al aangegeven dat hun denkbeelden op onderdelen achterhaald zijn, en toch denken en handelen we nog steeds sterk vanuit deze oude managementprincipes.

Wellicht zou ik m’n eigen managementboek moeten gaan schrijven, in twee delen: ‘op weg naar 100 medewerkers’ en ‘vanaf 100 medewerkers en nu verder’. De ondertitel blijft overigens hetzelfde: doe wat je leuk vindt, doe wat je goed kan en draag je steentje bij!

Bron